Keuren van pneumatische en hydraulische arbeidsmiddelen: luchtgereedschap en hydraulisch gereedschap

Luchtgereedschap en hydraulisch gereedschap zijn arbeidsmiddelen. De werkgever moet ze laten keuren zo vaak als nodig is om ze veilig te houden. Dat staat in artikel 7.4a van het Arbobesluit. Een vaste wettelijke termijn van één jaar bestaat niet, maar in de praktijk is jaarlijks keuren een gangbaar uitgangspunt.

De slagmoersleutel trekt niet meer lekker door… ‘Zet de druk maar wat hoger, dan gaat het wel weer.’ Herkenbaar? Het gereedschap lijkt daarna beter te werken. Maar boven de toegestane werkdruk kunnen onderdelen zwaarder worden belast dan waarvoor ze zijn gemaakt. En de echte oorzaak blijft bestaan: bijvoorbeeld te weinig luchttoevoer, vervuiling of slijtage.

Meer druk is niet automatisch beter.

Hieronder leest u om welk gereedschap het gaat, welke regels gelden en hoe u een keuring praktisch aanpakt.

Om welk gereedschap gaat het?

Pneumatische en hydraulische arbeidsmiddelen gebruiken een medium onder druk om kracht of beweging te leveren. Bij pneumatiek is dat samengeperste lucht (perslucht). Vandaar de naam luchtgereedschap. Bij hydrauliek is het een vloeistof, meestal olie.

 

 

 

Ook cilinders in machines werken met perslucht of olie. Slangen, koppelingen, ventielen en drukregelaars beoordeelt u mee als ze bij het te keuren arbeidsmiddel horen.

Waarom vraagt gereedschap onder druk extra aandacht?

Een beschadiging die bij ander gereedschap onschuldig lijkt, kan bij een systeem onder druk ernstige gevolgen hebben. Dit zijn de risico’s waar een keurmeester op let:

  • Schiet een persluchtslang of koppeling onder druk los, dan beweegt de slang ongecontroleerd. Dat kan ernstig letsel geven.
  • Is de luchttoevoer dicht of staat de pomp uit? Dan is het systeem nog niet vanzelf drukloos. In een slang, cilinder of accumulator kan druk achterblijven.
  • Een heel klein lek onder hoge druk kan een dunne, nauwelijks zichtbare straal olie geven die door de huid dringt. Zoek een hydraulisch lek daarom nooit met uw handen.
  • Onverwachte beweging. Een trekker die blijft hangen of met een tie-wrap is vastgezet, kan het gereedschap laten starten zodra de lucht wordt aangesloten. Een defecte cilinder of beveiliging kan een geheven last laten zakken.
  • Geluid en trillingen. Een ontbrekende geluiddemper geeft meer lawaai. Een beschadigde steunschijf geeft meer trillingen.

Welke wet- en regelgeving is van toepassing?

Er zijn twee soorten regels. Regels voor de fabrikant: mag het product op de markt? En regels voor de werkgever: blijft het veilig in gebruik? De keuring hoort bij de tweede soort.

Naast de wet zijn er normen:

  • NEN-EN-ISO 4414: algemene regels en veiligheidseisen voor pneumatische systemen.
  • NEN-EN-ISO 4413: hetzelfde voor hydraulische systemen.
  • NEN-EN-ISO 11148-serie: veiligheidseisen voor niet-elektrisch aangedreven handgereedschap, met een deel per soort gereedschap. Bijvoorbeeld deel 6 voor slagmoersleutels, deel 7 voor slijpmachines en deel 13 voor tackers.

Een norm is geen wet. U kunt er wel de wettelijke eisen mee invullen. Deze normen zijn bovendien niet allemaal bedoeld voor de periodieke keuring. Voor elektrische arbeidsmiddelen is er NEN 3140, een veelgebruikte norm waarin ook de inspectie is uitgewerkt. Voor luchtgereedschap en hydraulisch gereedschap is er niet één norm die de hele periodieke keuring beschrijft.

Daarom zijn de voorschriften van de fabrikant uw eerste houvast. Denk aan de toegestane werkdruk, het onderhoud, de inspectiepunten en de vervangingscriteria. Ontbreekt die informatie? Bedenk dan niet zelf een afkeurgrens of testmethode. Vraag de gegevens op bij de fabrikant of leverancier.

Is keuren wettelijk verplicht?

Ja, maar niet met een vaste termijn. Artikel 7.4a van het Arbobesluit noemt drie keuringsmomenten:

 

Wat u verder moet weten:

  • Wie keurt? Een deskundige persoon of instelling (lid 5). Dat mag een eigen medewerker zijn, als die deskundig is voor dit gereedschap.
  • Welk bewijs? De schriftelijke bewijsstukken van de keuring zijn op de arbeidsplaats aanwezig en moeten op verzoek aan de toezichthouder worden getoond (lid 6). Digitaal bewaren mag.
  • Hoe vaak? De werkgever bepaalt de termijn op basis van de risico’s: het soort gereedschap, hoe intensief het wordt gebruikt, de werkomgeving, de fabrikantvoorschriften en eerdere keuringsresultaten. De RI&E (risico-inventarisatie en -evaluatie) helpt daarbij. Jaarlijks is een gangbaar uitgangspunt; bij zwaar gebruik kan vaker keuren nodig zijn. Voor bepaalde arbeidsmiddelen kunnen eigen wettelijke keuringstermijnen gelden. Lees ook: Keuringsfrequentie van arbeidsmiddelen bepalen.
  • CE-markering vervangt de keuring niet. De CE-markering gaat over het product op het moment dat het op de markt komt. De keuring gaat over de toestand tijdens het gebruik.
  • Onderhoud vervangt de keuring ook niet. Onderhoud houdt het gereedschap in goede staat. De keuring stelt vast of het veilig is.
  • Let op drukapparatuur. Voor aangewezen drukapparatuur kunnen aparte wettelijke keuringen gelden. Dat kan ook voor het drukvat van een compressor spelen. De keuring van het gereedschap vervangt die keuringen niet.

Een keuring is een momentopname. Controle door de gebruiker vóór het werk, zorgvuldig gebruik en onderhoud blijven nodig.

Meer over de wettelijke achtergrond leest u in Keuren van arbeidsmiddelen: een wettelijke context.

Hoe pakt u de keuring praktisch aan?

Werk altijd in dezelfde volgorde. Dan is de kans kleiner dat u een controlepunt overslaat.

keuringsroute · 8 stappen, 1 beslismoment

Blijkt bij de visuele controle dat testen onder druk niet veilig is? Dan slaat u de functionele test over en neemt u dat mee in de beoordeling.

Drie lagen keuringspunten

Een volledige keuring combineert drie lagen:

  1. De algemene staat, behuizing, bevestigingen, handgrepen, bediening, beschermkappen, markeringen en sporen van ondeugdelijke reparaties.
  2. Pneumatisch of hydraulisch. De werkdruk, slangen, koppelingen, lekkages en drukregeling. Bij hydrauliek ook de vloeistof, cilinders, zuigerstangen en drukbeveiliging.
  3. De onderdelen die draaien, slaan, snijden, knellen of grote krachten overbrengen.

De keuringspunten voor boor- en schuurmachines, beitelhamers, momentsleutels en pers-, knip- en krimpgereedschap staan in de e-learning. Daar vindt u ook de volledige keuringschecklist.

Meten: vergelijk met een grenswaarde, niet met uw gevoel

Bij de functionele test kunnen metingen nodig zijn: werkdruk, systeemdruk, toerental, kracht of koppel. Een gemeten waarde zegt pas iets als u die vergelijkt met een betrouwbare grenswaarde uit de fabrikantvoorschriften of de norm.

  • Druk bij luchtgereedschap. Meet u de werkdruk? Doe dat terwijl het gereedschap werkt, zo dicht mogelijk bij de luchtinlaat. Zodra er lucht stroomt, is de druk daar lager dan bij de regelaar. Dat komt door het drukverlies over slang en koppelingen. Vergelijk de waarde met de werkdruk die de fabrikant opgeeft en ga daar niet boven.
  • Bij een slijpmachine is het toerental extra belangrijk voor de veiligheid. Het slijpmiddel moet het maximale toerental van de machine aankunnen. Schrijft de fabrikant een toerentalmeting voor? Meet dan volgens zijn methode. Het toerental mag niet hoger zijn dan de waarde op de machine.
  • De manometer op het arbeidsmiddel. Is een manometer nodig voor veilig gebruik? Dan moet die onbeschadigd en goed afleesbaar zijn en een aannemelijke druk aangeven. Gelden er eisen aan nauwkeurigheid of kalibratie? Volg die dan.
  • Geen eigen proeven. Voer nooit op eigen initiatief een overdruk- of overbelastingstest uit. Testdrukken en testbelastingen komen uit de fabrikantdocumentatie, de regelgeving of de normen.

Goedkeuren waar het kan, afkeuren waar het moet

Een voorbeeld. U keurt een pneumatische slagmoersleutel. De behuizing heeft oppervlakkige krassen en het aandrijfvierkant vertoont normale gebruikssporen. Dat hoeft geen veiligheidsprobleem te zijn. Maar de luchtslang is vlak bij de koppeling diep beschadigd en de koppeling vergrendelt niet elke keer. De verbinding kan onder druk losschieten. De uitslag: niet goedkeuren tot slang en koppeling zijn hersteld en opnieuw beoordeeld.

De vraag is steeds dezelfde: kan dit arbeidsmiddel in de huidige toestand veilig worden gebruikt voor de bedoelde toepassing?

Twijfel is geen reden om toch goed te keuren.

Leg de uitslag vast: goedgekeurd, afgekeurd of nader onderzoek nodig. Een keuringssticker is alleen een zichtbare aanduiding; de registratie is het bewijs. Lees ook Toepassing keuringsstickers en Keuringsadministratie en systeem.

Zelf leren keuren?

Wilt u luchtgereedschap en hydraulisch gereedschap zelf leren keuren? Of wilt u de keuringen in uw bedrijf beter kunnen beoordelen?

In de e-learning ‘Keuren van pneumatische en hydraulische arbeidsmiddelen’ van Ingenium dé Opleider doorloopt u in twaalf modules de hele route. U begint bij de arbeidsmiddelen zelf, de wet- en regelgeving en de basis van pneumatiek en hydrauliek. Daarna volgen de keuringspunten per soort gereedschap, de functionele controles, een praktische keuringschecklist en praktijkvoorbeelden. U studeert in uw eigen tempo en sluit af met een eindtoets.

Bekijk de e-learning Keuren van pneumatische en hydraulische arbeidsmiddelen en schrijf u in

Heeft u een vraag over het keuren van uw gereedschap? Bel 088-2450000 of mail naar info@de-opleider.nl. Wij zijn graag uw vraagbaak.

Geplaatst in .